Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for the ‘Recensies’ Category

RECENSIE /. het leven van

Een leven vol vervreemding

Is dit poëzie? Deze vraag mag gerust gesteld worden wanneer de nieuwste bundel het leven van van Nachoem M. Wijn berg ter hand genomen wordt. In deze bundel is praktisch geen sprake van de traditionele, ouderwetse stijlkenmerken waaruit gedichten worden opgebouwd. Zo zijn alliteratie, metrum en rijm volledig weggelaten. En als er al eens een aantal woorden allitereren dan is dat hoogstwaarschijnlijk puur toeval. De ‘gedichten’ in deze bundel zouden evengoed bestempeld kunnen worden als ultrakorte verhalen. Veel regels lopen door zoals dat gebruikelijk is in prozateksten. Op de bundel zelf staat ook nergens de aanduiding ‘gedichten’. Er mag verondersteld worden dat de dichter dit bewust gedaan heeft. Wellicht is dit een poging van hem om een nieuw literair genre te creëren. Een genre waar nog geen naam voor bestaat, al zou het toch gemakkelijk prozagedichten genoemd kunnen worden.

Laten we een wandeling maken.
Waarheen? Het is donker.
Ben je bang in het donker altijd dezelfde wandeling te maken?

Nachoem M. Wijnberg heeft in zijn carrière al een tiental bundels afgeleverd. Zijn werk is meer en meer abstract geworden. Daarom staat hij nu ook niet te boek als toegankelijk dichter. Toch is het leven van niet ontoegankelijk te noemen. Er wordt bijvoorbeeld niets gedaan met de taal. De zinnen zijn allemaal correcte, goed lopende zinnen. Maar er is iets vreemds aan de hand. Dat vreemde is terug te vinden in de inhoud. Soms lijken de gedichten (laat ik het gemakshalve toch maar zo noemen) te ontsporen. Het lijkt erop dat de dichter naar believen van de hak op de tak springt. Zo kan hij in een gedicht meerdere onderwerpen die niets met elkaar te maken hebben, tenzij associatief gezien, aansnijden. Dit levert het overbekende postmoderne vervreemdingseffect op.

Ik krijg geen nieuws behalve haastige wolken in de schemering.
Als je arm bent moet je meer voor hetzelfde betalen.
Als je wilt dat ik je verkeerd begrijp moet je meer je best doen.

Is dit poëzie? Deze vraag doet eigenlijk niet ter zake. Noem het zoals je het wilt noemen. Een veel belangrijkere vraag is, is dit interessant werk. Ja, zou ik willen zeggen, maar ik ben dan ook een lezer die graag verrast wordt in teksten, of het nu gedichten zijn, miniaturen, korte verhalen of om het even welke benaming eraan gegeven wordt.

Daniël Dee

het leven van
Nachoem M. Wijnberg
Uitgeverij Contact, Amsterdam 2008
ISBN 978 90 254 2968 3
€ 19,95


Verscheen eerder in Krakatau 52

— Reactie Nachoem M. Wijnberg – (met toestemming geplaatst) —

Hi Daniel,

Kreeg een krakatau toegestuurd met daarin jouw recensie van Het leven van. Dank!

Afgaande op je recensie lijkt de bundel echter moeilijker te lezen is dan ik denk dat die is. Als ik “poetisch proza/prozagedichten” hoor denk ik aan mooischrijven. Als ik “postmodern associatief” hoor denk ik aan vrijblijvend, pseudo-academisch en ook aan moedwillige metapoezie. Ik probeer beide te vermijden.

De gedichten zijn zeker geen poetisch proza of prozagedichten – het zijn “gewoon” gedichten, met de vormregel dat iedere zin “doorloopt” en er aan het einde van elke zin pas weer een hard return komt (itt “gewoon proza waar dit enkel bij elke nieuwe alinea gebeurt). Daardoor lijkt afbreekpunt misschien willekeurig, al is het dat natuurlijk niet en is bladspiegel met enige zorg ingesteld. Misschien ook belangrijk te vermelden is dat ik mijn best gedaan heb “poetische” (dat wil hier zeggen betekenis-gevende) struktuur in de afzonderlijke zinnen te leggen. Die lijken op eerste gezicht soms gecompliceerd omdat ze meerdere zaken tegelijk (willen) zeggen in een vorm die (bijna altijd – en de uitzonderingen hebben hun eigen redenen) net nog grammaticaal toelaatbaar is.

Ook denk ik niet dat de gedichten van zin naar zin gaan op “associatieve” basis. In vele gedichten zit juist wel een behoorlijke verhaalstructuur in eerste laag en ook in de gedichten waar dat niet zo lijkt te zijn is er een struktuur van de redenering. Natuurlijk worden bepaalde verbindingen gelegd per associatie (noem mij een gedicht waarin dat niet zo is), maar die zijn in deze gedichten volstrekt dienstbaar aan de verhalen en de redeneringen. Niets geen “postmodern” aan elkaar plakken, en ik ben geenzins uit op vervreemding – de wereld is al vreemd genoeg en mijn gedichten hopen misschien te helpen met die vreemdheid om te gaan door die dichterbij te brengen en, voor zover mij mogelijk, te begrijpen.

Ik was vanzelfsprekend verheugd dat je aan het einde van je recensie verklaarde de gedichten graag te lezen. Tegelijk vond ik in de recensie weinig redenen daarvoor (als ik die recensie gelezen had over het werk van een ander had ik beslist niet de neiging gehad die bundel te gaan lezen). Ik reageerde vroeger nooit op recensies, maar heb neiging dat bij deze bundel wel te moeten doen. Misschien omdat ik enigzins verrast bent met reacties als die van jou – toen ik de bundel inleverde bij mijn uitgever was ik overigens meer bezorgd dat lezers de gedichten te direct en pathetisch zouden kunnen vinden, dan te postmodern-associatief. Misschien ook omdat ik bezorgd ben dat elke keer dat ik als een interessant maar wel erg moeilijk dichter beschreven wordt het minder waarschijnlijk maakt dat iemand probeert de gedichten te lezen omdat ze ergens over gaan. En ik wil graag dat de gedichten gelezen worden.

En nogmaals dank, want ben altijd dankbaar als iemand serieuze poging doet mijn gedichten te lezen.

groet

nachoem

Read Full Post »

RECENSIE /. Binnenstebuitenwereld 

De taal als een vlijmscherp fileermes

In het titelgedicht van de bundel worden we voorgesteld aan een ‘zij’ die zich neerlegt ‘als een hemellichaam, verbeeldt zich, herinnert zich.

Haar wereld is er om te overleven in anderen, andere anekdotes.

Een vrouw als een verhaaltje dus. Ze bestaat niet echt, ze gelooft in zichzelf. Het gedicht werkt die wereldbeschouwing uit:

Avond van opengebroken wit (…) Een vrij rondzwevend bewustzijn zoemt om ons hoofd (..) Zelfadoptie. Twee oploskinderen in zorgeloze zelforganisatie.

Het is me onduidelijk of de vrouw van taal, lastiggevallen door een mug haar kinderen beziet, maar helder is wel dat deze drie geen contact hebben. De kinderen bestaan wel en niet tegelijk. Polet schetst een wereld die in het duister tast over haar bestaan, maar wel een idee heeft van te bestaan. Bij Polet moet je erom grinniken. Hij mixt een vervreemde kijk op de wereld, angstwekkend en ontluisterend, met cynische humor en compassie voor het menselijk tekort:

Alles bezien met één koud oog en een
warm oog.

Maar hij stelt zich als verteller niet boven ons, is niet als dichter dat eerder genoemde vrij rondzwevende bewustzijn, want het gedicht stelt een vraag over waar de echte wereld is.

Polet laat je als lezer ervaren dat de je niet objectief naar de werkelijkheid kunt kijken omdat deze bestaat bij de gratie van je eigen bestaan. De wereld verwijst je naar jezelf terug, omdat jij hem ziet. Ondertussen weet Polet wel de taal als een vlijmscherp fileermes te hanteren om dat te tonen. Polet schrijft eigenlijk sinds de jaren ’50 al over deze filosofische visie. Maar steeds scherper formulerend, met steeds meer afstand, humor, overstijgt hij zichzelf. Hij maakt zijn eigen filosofie ook tot deel van die binnenstebuitenwereld, door hem en de dichter die hem beschrijft zelf ook weer in die wereld neer te zetten. Polet is een groot dichter, op eenzame hoogte boven de massa.

Hanz Mirck

Binnenstebuitenwereld
Sybren Polet
Wereldbibliotheek, Amsterdam, 2008
ISBN 9789028422599
€ 15,90


Verscheen eerder in Krakatau 52

Read Full Post »

RECENSIE /. De laatste lemming

De laatste lemming springt niet

Krakatau heeft in zijn hele bestaan nog geen enkele keer aandacht besteed aan de dichter Hans Wap. En dat mag best een schande genoemd worden. Wij waren blinden in het land van zieners. Nu op de valreep, in het laatste papieren nummer, proberen wij die fout nog enigszins te herstellen.

mijn rechteroog werkt voor twintig procent
is nuttig voor het bepalen van scherpte / diepte

helpt bij het autorijden en het inschatten
van de rondingen der dames
verder is het een zinloos attribuut

een halve blinde ben ik
een hele cycloop

Hans Wap (1943) is op dit moment misschien bekender als beeldend kunstenaar. Zo gaat in 2009 de nieuwe Sprinter van de Nederlandse Spoorwegen rijden, waarin de glazen tussenschotten en de bekleding van de stoelen naar een ontwerp van Hans Wap gemaakt zullen zijn. Maar Hans Wap is ook een dichter. Hij debuteerde al in 1967 met Schoten & Filtersigaretten. Daarna volgden nog vele bundels. Zijn nieuwste bundel heet De laatste lemming.

De bundel is uitermate verzorgd vormgegeven. De hand van de dichter en beeldend kunstenaar komen hier samen. Voor elk nieuw hoofdstuk is namelijk een mooie houtsnede van de dichter zelf afgedrukt, hetzelfde geldt voor het voorplat. Er zijn meer bundels te verzinnen die zo’n behandeling verdienen.

ik leer mezelf tekenen
ver van de anderen

ik kan zingen noch dansen
en schilder altijd alles uit de maat

De bundel zelf bestaat uit 4 hoofdstukken, te weten: Lui oog, Richtingen, Dierenleed en Is dat alles?. Aan het woord is een protagonist die zijn hele leven al anders was dan de meute, maar daar inmiddels vrede mee heeft. Er spreekt zelfs iemand met joviale trots over zijn eigen aparte staat van zijn. Dat was wel anders als opgroeiend kind.

ik moest het doen
met zes brillen
waarvan er elke dag

een van mijn kop werd geslagen

Maar door scha en schande leerde hij dat anders zijn veel interessanter was en voor hem in ieder geval de beste keuze. De laatste lemming weigert zichzelf het ravijn in te storten. De eenling blijft overeind. En wat ons, van Krakatau, betreft mag dat zeker nog even zo blijven. Joviaal van toon trekt hij voorwaarts, zijn bestemming is tot dusver onbekend. Moge hem daarom nog lang het lot van de konijn beschoren blijven.

veel liever nog
vanuit de duinpan

naar een stoverij
met wortels, uien, wijn

en lenteknollen
dan in zo’n hokje

op ’t balkon

vaak nog alleen

dat is pas triest
geen aanspraak

en geen partner
voor de dingen

waar een konijn
zo goed in is

Bij deze beloven wij plechtig dat we voor Krakatau 2.0 (het digitale vervolg) Hans Wap, de dichter, beter in de gaten zullen houden.

Daniël Dee

De laatste lemming
Hans Wap
De Weideblik, Varik 2008
ISBN 978 90 77767 10 8
€ 22,50


Eerder gepubliceerd in Krakatau 52

Read Full Post »

RECENSIE /. Met het oog op morgen (2) – verzameld dichtwerk

Het heeft vier jaar geduurd, maar deze zomer ligt deel twee van Met het oog op morgen eindelijk in de winkel. (inmiddels uitverkocht, oplage 2500) Na een succesvolle uitgave van de eerste bloemlezing in 2004, moesten poëzieliefhebbers en radioluisteraars vier jaar wachten op deel twee. En het wachten wordt beloond. Presentator John Jansen van Galen en zijn uitgever Contact hebben wederom een handzaam boekje uitgebracht met daarin gedichten die als afsluiting hebben gediend van het populaire programma van Radio 1. Gaf vier jaar geleden Jansen van Galen nog grotendeels de voorkeur aan ‘oudere vrouwen’ Hanny Michaëlis, M. Vasalis en Ida Gerhardt, nu prijken vooral de Vlamen Bart Moeyaert (6 gedichten) en Herman de Coninck (5 gedichten), maar ook jonge goden als Jaap Robben, Hagar Peeters en Tjitske Jansen in de bonte poëzieverzameling. En mij bevalt de smaak van de presentator wel. Voor de sombere gevoelens kunnen we bij Moeyaert terecht. Zo kwijt als de dood/mag je niet gaan of bij Marsman. De avonden donkeren al. Voor vrolijkheid, degene die weemoedig is naar het verleden, wil liggen in het gras, liefde wil voelen of over de aloude dichterlijke herfst-, lente-, winter-, zomergevoelens wil lezen, het zit er allemaal in verstopt. Dat is ook niet zo verwonderlijk als je bedenkt dat Jansen van Galen elke dag een gedicht selecteert die op dat moment het dichtst in de buurt van zijn gemoedstoestand komt. Toegegeven; weemoed en dood hebben de overhand, maar is het niet zo dat je daar net zo vrolijk van wordt als het prachtig is verwoord. Daarom sluiten we af met een parel van Jean Pierre Rawie.

Thuiskomst

Het liefst zou ik de landerige stad
waar ik als kind mijn leven heb gesleten
uit mijn geheugen wegdoen, en vergeten
wat ik in al die jaren niet vergat.

Maar kijk, ik weet van elke straat, elk pad,
van elke hoek, elk gat, nog hoe ze heten.
Al wat geweest is heeft in mijn geweten
als evenzoveel wroeging postgevat.

Het rijtjeshuis waar nu mijn ouders wonen
ligt aan een onverzoenlijk nieuwbouwplein,
maar het is zaak mijn wanhoop niet te tonen:

ik ga naar binnen, en ik word weer klein,
en zeg, als alle goede, grote zonen,
dat ik gelukkig ben weer thuis te zijn.

Met het oog op morgen 2
John Jansen van Galen
Uitgeverij Contact Amsterdam
ISBN 978 90 254 287 7
Eur 15,00

- Deze recensie verscheen eerder in Krakatau 51 -

Read Full Post »

« Newer Posts

Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.